//
Informatie over andere eenheden met wie de BBE samenwerkt

SEMPER PARATUS PRO JUSTITIA.
(Altijd paraat voor gerechtigheid.)

Samenwerking

Voor nog meer info kijk ook bij Interview met ex BBE-er





Buitenlandse eenheden

Nationella Insatsstyrkan (Zweden)

Grenzschutzgruppe 9 (Duitsland)

Speciaal Interventie Eskadrin / Esquadron d'Intervention Special (Belgie)

Special Air Service (Engeland)

Federal Bureau Of investigation - Hostage Resque Team (VS)


Nederlandse eenheden

Brigade Speciale Beveiligingsopdrachten

Korps Commandotroepen

Special Boat Squadron

Arrestatieteam








Nederlandse eenheden

BSB

Brigade Speciale Beveiligingsopdrachten
Met de Brigade Speciale Beveiligingsopdrachten (BSB) beschikt de commandant van de marechaussee over een bijzondere eenheid, die hij kan inzetten wanneer snel en specialistisch optreden geboden is. De brigade kan samen met civiele of militaire eenheden optreden, maar is ook voldoende toegerust voor zelfstandige acties. De BSB, die alleen uit vrijwilligers bestaat, beschikt daarvoor bijvoorbeeld over observatie- en aanhoudingsteams. Het personeel, dat een gerichte training heeft gevolgd, is voor een breed scala van opdrachten inzetbaar, variërend van het binnendringen in gebouwen en het beveiligen van gebouwen en personen tot aan het herkennen van (geïmproviseerde) explosieven. Uiteraard zijn de persoonlijke beschermingsmiddelen aan de aard van het optreden aangepast. Voor een goede taakvervulling is de brigade bovendien met snelle en praktische voertuigen uitgerust. Ook heeft de BSB als taak te assisteren bij acties door de BBE.

Auteur: Matthijs Crielaard / PJ



KCT

Het Korps Commandotroepen
Het Korps Commandotroepen (KCT) heeft als taak het voorbereiden en uitvoeren van speciale operaties, in het kader van bondgenootschappelijke verdedigings- en crisisbeheersingstaken en het verzorgen van speciale opleidingen ten behoeve van eenheden van het Duits/Nederlandse Legerkorps en opleidingseenheden.
De hoofdtaak van het Korps Commandotroepen, een speciale eenheid van de Koninklijke Landmacht, is veelzijdig. Speciale operaties worden uitgevoerd door kleine eenheden die met speciale uitrusting worden ingezet in vijandelijk gebied. De commando's moeten bij de uitvoering van de taken volledig op zichzelf kunnen staan. Speciale operaties zijn te verdelen in Speciale Verkenningen (Special Reconnaissance), Offensieve Acties (Direct Action), Militaire Steunverlening (Military Assistance) en Afgeleide Taken (Collateral Activities).
Voorbeelden van speciale operaties zijn waarnemings- en verkenningsopdrachten en het aanvallen van vijandelijke doelen door middel van hinderlagen, overvallen en/of sabotage. Ook het ontzetten van gegijzelde burgers en/of militairen en terreurbestrijding in crisisgebieden, eindgeleiding van lasergestuurde munitie en het uitvoeren van evacuaties behoort tot het takenpakket. Daarnaast heeft het Korps Commandotroepen ook de taak om bijzondere militaire steun te verlenen aan bondgenoten of aan eenheden van de Nederlandse land- en luchtmacht of de Marine.

Het baretembleem
De ondergrond van het embleem wordt, evenals bij alle Nederlandse baretemblemen, gevormd door de "Gotische W", die duidt op de naam Wilhelmina, Koningin der Nederlanden van 1898 -1948. De dolk die dwars over het embleem loopt is ontworpen naar een originele Engelse commandodolk en is het symbool van de verbondenheid van ons Korps met No10 Inter Allied Commando, waar de Nederlandse Commando's van No 2 (Dutch) Troop in de jaren 1942-1945 toe behoorden. De handgranaat die boven de dolk is gezet heeft een uiteenspattende vlam en duidt op de agressiviteit die elke commando moet bezitten. Als laatste in het oog springend kenmerk van het baretembleem is de in het lint aangebrachte spreuk "Nunc aut Nunquam" oftewel "Nu of nooit". Zij geeft het doorzettingsvermogen, het onverzettelijke weer waar commando's over dienen te beschikken.

Opleiding
De Commando-opleiding duurt in totaal 12 (voor kandidaten die al in werkelijke dienst zijn) of 14 maanden (kandidaten uit de burgermaatschappij). De opleiding bestaat uit een Vooropleiding (VO) van 4 respectievelijk 12 weken, de Elementaire Commando-opleiding (ECO) van 14 weken en de Voortgezette Commando-opleiding (VCO) die 26 weken duurt. Tijdens de commando-opleiding is het aanleren van individuele basisvaardigheden als ploeglid het hoofddoel. Daarnaast leert hij deze vaardigheden in praktijk te brengen in teamverband.
Kijk voor meer informatie op: www.korpscommandotroepen.nl

Bron: www.korpscommandotroepen.nl



SBS

Special Boat Squadron
Het Nederlandse SBS van het Korps Mariniers maakt in oorlogstijd onderdeel uit van het Britse SBS als 7th Troop C-squadron en M-squadron. De officiële naam is "Ambifisch Verkenningspeloton". Het SBS is opgebouwd uit vijf teams van vier personen en een staf van 6 (waaronder 2 officieren.). Drie van de vijf teams zijn toegewezen aan C-squadron, twee aan M-squadron. SBS teamleden beschikken over een breed assortiment wapens, waaronder de Glock17, de Diemaco C7 en C8, en MAG. De Steyr SSG en Barrett .50 worden gebruikt door scherpschutters. Machinepistolen worden nauwelijks of nooit gebruikt. Het SBS beschikt over rubberboten, kano's, en duikapperatuur om zich te verplaatsen. Ook kan een infiltratie plaatsvinden door bijvoorbeeld een parachutesprong. De taken van het SBS zijn verkenning en sabotage. Ook is het SBS belast met het verzekeren van de veiligheid voor passagiersschepen, veren en boorplatformen, eventueel met ondersteuning van de Bijzondere Bijstandseenheid.
Het credo onder het wapen van het Amfibisch Verkennnigspeloton is in het Nederlands en klinkt in eerste instantie niet echt indrukwekkend. Toch geeft het precies aan waar deze eenheid kan opereren: "Waar nodig."

De kracht van de kikker
Waaruit bestaat een Kikvorsmannen opleiding? In dit artikel wordt een tipje van de sluier opgelicht over de opleiding van deze Nederlandse tegenhanger van de US Navy SEAL's. Een verslag van de cursisten van de KVM opleiding. De KVM-opleiding word voorafgegaan door een aantal keuringen. Allereerst een zware psychische keuring te Amsterdam waar dingen als stressbestendigheid worden getest. Hierna volgt een fysieke keuring aan het DMC te Den Helder, waar longfuncties, vet percentage, conditie en oren worden getest. Aansluitend volgt een zwemtest waarbij men een aantal baantjes moet trekken en watertrappelen gedurende 2 minuten met 6 kg lood. Hierna word de loodkoppel afgedaan en duikt men deze gelijk weer op en doet deze weer om. Deze test wordt over het algemeen als vrij zwaar beschouwd. Ook wordt er alvast een intro perslucht gegeven om te kijken hoe de cursist reageert op het onderwater zijn. De KVM opleiding is opgebouwd uit een aantal fases. Na de scheepsduik opleiding beginnen de Mariniers ofwel aspirant kikkers met een ware cultuur omslag. De opleiding begint dan ook met een veldweek te Marnerwaard waar alle SOP's (Standard Operating Procedures) worden aangeleerd ten einde te kunnen functioneren binnen de SF-eenheid, het AMFVERKPEL. Deze week word verder aangekleed met een behoorlijk aantal fysieke pieken en weinig tot geen nachtrust. Iets dat tijdens de opleiding zeer veel gedaan wordt,is het duiken. Zowel met perslucht, maar dan wel op een geavanceerd niveau, als zuurstof en mengsel (60% zuurstof/ 40% stikstof). Omdat de Mariniers tijdens de scheepsduik opleiding al geleerd hebben te duiken met perslucht was de overstap naar zuurstof groot. Zuurstof duiken bevat een hele andere discipline dan perslucht vanwege het recirculeren van de zuurstof en een aantal handelingen die tijdens het duiken met de LAR VII gepleegd dient te worden. Het is dan ook zaak dat ook tijdens grote vermoeidheid iedereen zijn koppie erbij houdt om veilig te kunnen werken. In Noorwegen leert men het ontsnappen vanaf grote dieptes zonder apparatuur. Na deze week begint de zuurstof module. Dit begint met een volle dag theorie en vervolgens de rest van de week in het zwembad. Tijdens deze week is de fysieke belasting constant aanwezig d.m.v. van veel hardlopen. 's Ochtends met een omweg naar het zwembad toe, 's middags heen en weer rennen om even snel te eten op de kazerne en 's avonds weer terug naar de Hr.Ms. Thetis rennen. Tevens is er gedurende de gehele opleiding op dinsdag en donderdag avond gedurende de binnenweken een avond programma. Dinsdag tot ongeveer middernacht en donderdag gaan we de hele nacht door en wordt er helemaal niet gesnurkt. Het is dan ook verplicht om vrijdag na vastwerken te rusten alvorens men deelneemt aan het verkeer en huiswaarts keert. Voor een aantal cursisten wordt het weekend hierdoor dan ook wel erg kort. Tijdens de opleiding zijn er een aantal tradities die in stand gehouden worden. Om te beginnen word er een grote ton geschilderd met daarop alle namen van de cursisten. Deze ton wordt gebruikt voor het testen van de LARVII tijdens de opleiding. Als er een cursist afvalt word zijn naam verwijderd van de ton. Ook wordt er voor iedere week van de opleiding een couplet voor het lied verzonnen. Dit dient dan betrekking te hebben op deze week. Dit zouden dan 17 coupletten moeten zijn, echter dit worden er in de praktijk natuurlijk veel meer. De opleiding mag ook alleen aan en van boord via hun eigen valreep in de vorm van een catcrawl. Het pronkstuk is natuurlijk de vlag welke zelf vervaardigd is en wederom alle namen van de cursisten bevat. Het is voor de leden van het AMFVERKPEL de uitdaging om deze vlag te bemachtigen en voor de opleiding om deze te beschermen. Een van de meest besproken tradities is de voorstel avond. Iedere cursist moet zich op deze avond presenteren aan de leden van het AMFVERKPEL en word hierbij gigantisch te kakken gezet om te kijken hoe men hierop reageert. Niet een van de meest leuke avonden voor de cursisten maar misschien des te meer voor de leden van het AMFVERKPEL. Wat de opleiding nog het meest kenmerkt zijn de fysieke eisen die gesteld worden. Om maar wat te noemen: een load carry van 10km met 36kg, 5km verplaatsen met kajak te voet, de afsluitdijk loop, een geforceerde mars, een speedmars van 10km, een 2 uurs duik en een 3 uurs duik, 10km afstand zwemmen, 10km in 45 min, 40km kajakken, 100km kajakken, en de beruchte kwelsloot. Daarbij komt nog elke dag min.10km hardlopen, vele nachtelijke verplaatsingen zowel te voet als met de kajak, gevolgd door een early morning dive.
Kortom de opleiding bestaat uit een zwaar schema vol geladen met fysieke en psychische uitdagingen, welke soms onoverkoombaar lijken.



AT

Arrestatieteam
Het Arrestatieteam (AT) ook wel Arrestatie en Ondersteunings Eenheid (AOE) genoemd, is een gespecialiseerde groep agenten waarover verscheidene korpsen de beschikking hebben. Verspreid over Nederland zijn er acht verschillende Arrestatieteams die allerlei specifieke taken vervullen. De AT's bestaan uit speciaal getrainde agenten die een een flinke portie ervaring hebben en zware training.
Er zijn twee soorten Arrestatieteams, ingedeeld naar werkgebied. Het eerste, reguliere AT wat gewoon staat voor Arrestatieteam heeft als werkgebied 1 van de 25 politieregio's. Aangezien er regio's zijn die qua inwoneraantal en AT-behoefte het niet waard zijn om een apart AT te hebben zijn een flink aantal regio's samengevoegd tot groepen. Deze groepen van politieregio's krijgen hulp van een I-AT, I-AT, wat staat voor Interregionaal Arrestatieteam. De fusie van Arrestatieteam Zuid en Arrestatieteam Zuid-Oost Brabant die op 1 januari plaats vond, in combinatie met de huidige indeling zorgt ervoor dat de Nederlandse Politie in totaal over zeven AT's beschikt:

  • Arrestatieteam Amsterdam-Amstelland
  • Arrestatieteam Rotterdam-Rijnmond
  • Arrestatieteam Gelderland-Midden
  • Arrestatieteam Haaglanden
  • Arrestatieteam Utrecht
  • Interregionaal Arrestatieteam Noord-Oost-Nederland
  • Interregionaal Arrestatieteam Zuid
  • Scherpschutters
    Binnen de arrestatieteams zijn er gespecialiseerde scherpschutters. Deze groep is opgeleid om vanaf grote afstand een gericht schot af te kunnen vuren, in één keer raak. Scherpschutters kunnen een doel uitschakelen op een afstand van 1000 meter, een discipline die geoefend wordt op een baan in Groot-Brittanië. In de praktijk is het echter niet waarschijnlijk dat er op deze afstanden geschoten zal worden. Afstanden tot op 600 meter zijn dan realistischer. In bijzondere gevallen kunnen deze scherpschutters ook los van de AT's optreden, waarbij zij dan onder de noemer BBE-P (BBE Politie) vallen. Een dergelijke inzet zou zijn voor de ondersteuning van de BBE van het Korps Mariniers. Ook in geval van het optreden bij de tunnels in de Randstad, op 27 september 2002, waren de scherpschutters van de BBE-P aanwezig voor obeservatie en dekking. Behalve schieten is observatie door scherpschutters van onschatbare waarde voor de planning en uitvoering van een aktie. Meestal zijn de scherpschutters de eersten die belangrijke gebeurtenissen binnen een doelgebied waarnemen en dit direct kunnen doorgeven via de radio.

    Uitrusting
    De AT's worden onder de meest verschillende omstandigheden ingezet en stellen dan ook per inzet de uitrusting samen. Men heeft in ieder geval de beschikking over het standaard pistool, de Walther P5 in 9x19mm. Verder kan men zwarte Nomex overalls gebruiken, in combinatie met verschillende Kevlar kogelwerende vesten, Nomex handschoenen, een helm, speciale schoenen en verschillende beschermende Kevlar schilden en lichaamsbepansering. Verder kan een AT gebruik maken van een Heckler & Koch pistoolmitrailleurs en Noise and Flash Devices (NFDs), ook wel flashbangs genoemd.

    Dit artikel is ter beschikking gesteld door www.arrestatieteam.nl , de website over de Nederlandse arrestatieteams



    Leden van een speciale antiterreureenheid in Servië, genaamd Cobra,
    tonen hun bekwaamheden in het beëindigen van een gijzeling.


    Buitenlandse eenheden

    NI

    Nationella Insatsstyrkan
    NI is de Zweedse nationale politie-eenheid voor terrorismebestrijding. Hoewel deze eenheid niet in het diepste geheim opereert, is er weinig concrete informatie op het internet te vinden. Dit artikel is voornamelijk tot stand door de hulp van de Zweedse Politie. Bij deze wil ik hen bedanken voor de informatie en het beeldmateriaal dat zij hebben toegestuurd.
    Tot voor kort stond als kop boven dit artikel: 'ONI - Ordningspolisens Nationella Insatsstyrkan'. Naar nu blijkt is dit een verkeerde benaming. De 'O' zou moeten staan voor 'Ordningsavdelningen', vrij vertaalt 'Afdeling operaties'. Dit is echter niet meer dan een uitgebreide benaming, een beetje zoals een postadres. De juiste naam is slechts "Nationella Insatsstyrkan", vrij vertaalt "Nationale Interventie- eenheid". De naam van de eenheid wordt bijna altijd voluit gebruikt.

    Oprichting
    Zweden beschikt pas relatief kort over een speciale eenheid voor terreurbestrijding. Hoewel Zweden op humanitair gebied een zeer belangrijk land is, oefent het op militair-politiek gebied weinig invloed uit op het buitenland. Dit, in combinatie met de lage criminaliteit in Zweden, zijn waarschijnlijk de belangrijkste reden voor het lange uitblijven van een dergelijke eenheid.
    In 1986 werd de wereld echter geschokt door de moord op de Zweedse minister-president, Olof Palme. Hierdoor kwam een discussie op gang, over de vorming van een speciale anti-terreureenheid, wat leidde tot de oprichting van de Nationella Insatsstyrkan, in 1991.

    Commandostructuur
    Inzet van de Nationella Insatsstyrkan gebeurt onder verantwoordelijkheid van de Zweedse Nationale Politieraad (de RPS). De politie regio Stockholm kan tevens beslissen om deze eenheid in te zetten als "regionaal" arrestatieteam. Let wel op: Een regio kan in Zweden een oppervlakte ter grootte van heel Nederland beslaan!
    Later dit jaar (2002) zal een reorganisatie plaatsvinden, waarbij het Nationella Insatsstyrkan permanent onder directe verantwoordelijkheid van de Nationale Politieraad (RPS) zal vallen. Dit zal waarschijnlijk gevolgen hebben voor de inzet van het Nationella Insatsstyrkan tegen "kleinere" vergrijpen. De opzet van deze eenheid is vergelijkbaar met die van de Duitse GSG9 en FBI HRT. Het bestaat uit 48 leden, verdeeld in 5 groepen:
    2 aanvalsgroepen
    1 inlichtingen- en verbindingsgroep
    1 scherpschuttergroep
    1 commandogroep
    De aanvalsgroepen worden meestal uitgerust met diverse H&K MP5 modellen en de SIG-Sauer P226 als back-up wapen, snipers gebruiken onder andere de PSG-90 (een AW variant van Accuracy International). De kogelwerende vesten zijn van Zweedse makelij en hebben hun vuurproef gehad tijdens militaire uitzendingen naar Bosnië. De Zweedse luchtmacht is in eerste instantie verantwoordelijk voor het transport van de Nationella Insatsstyrkan teams naar het doelgebied.

    Het Zweedse 'Nationella Insatsstyrkan' in actie tijdens een oefening.
    De training van het Nationella Insatsstyrkan concentreert zich op ontzetting van gegijzelden in bewoond gebied. Een speciaal team van onderhandelaars zal echter altijd eerst proberen de gegijzelden op een vreedzame manier vrij te krijgen.

    Acties
    Omdat het Nationella Insatsstyrkan ook als arrestatie-eenheid optreedt, is deze eenheid veelvuldig in actie gekomen. Slechts enkele weken voor het schrijven van dit artikel kwam het Nationella Insatsstyrkan no in actie, waarbij zeven zware criminelen werden gearresteerd. Deze misdadigers waren in het bezit van vier pistolen, twee geweren en een handgranaat.

    Bron: Conny J, Polisen i Sverige; SpecWarNet



    GSG-9

    Grenzschutzgruppe 9
    De Grenzschutzgruppe 9 ofwel GSG-9 werd opgericht in 1973. De directe aanleiding hiervoor was het gijzelingsdrama dat zich 5 september in het Olympisch dorp in Munchen voltrok. De Duitse overheid was na het aflopen van de Tweede Wereld Oorlog terughoudend geweest met het oprichten van militaire elitegroepen, voor welk doel dan ook. Dit werd met name gevoed door de drang om de rest van de wereld te tonen dat Duitsland geen bedreiging meer was. Nationale veiligheid kreeg een lage prioriteit. Hierdoor konden terroristen het Olympische dorp binnendringen, twee atleten doden en negen anderen in gijzeling nemen.
    (Voor meer informatie over Munchen 1972, zie 'Geschiedenis')
    De Duitse overheid bezwoer dat dit niet meer zou gebeuren en gaf direct de toestemming om een eenheid voor zware terreurbestrijding op te richten. De enige voorwaarde was dat de nieuw op te richten eenheid niet uit militairen zou bestaan, maar uit personeel van de Bundesgrenzschutz (de Duitse grenspolitie). In april 1973, nog geen 6 maanden na het incident, werd deze eenheid operationeel verklaard.

    Opleiding en commandostructuur
    Leden van de GSG 9 doorlopen een rigoureus selectieproces. Kandidaten zijn allen vrijwilligers, afkomstig van de Bundesgrenzschutsz. Militairen van de Bundeswehr zouden dus eerst uit dienst moeten treden en vervolgens bij de Bundesgrenzschutz in dienst gaan om in aanmerking te kunnen komen. De basisopleiding duurt 22 weken. De eerste 13 weken worden gespendeerd aan de fundamenten van terreurbestrijding en politieoperaties inclusief een grote hoeveelheid academisch werk die andere CT * eenheden meestal niet genieten. De laatste 9 weken worden leden getraind in specialisaties en krijgen ze aanvullende CT-studies. Een afvalpercentage van 80% is hierbij niet ongewoon. GSG 9 bestaat uit drie primaire groepen; GSG 9/1, GSG 9/2 en GSG 9/3. Deze eenheden zijn opeenvolgend belast met: CT, Maritieme CT en Luchtmobiele CT. De eerste 2 eenheden hebben ongeveer 100 leden elk. GSG 9/3 bestaat uit om en nabij de 50 personen. GSG 9 is gestationeerd in Hangelar, vlakbij Bonn, waar ze het complex delen met de Bundesgrenzschutsz. Geld is geen probleem als het gaat om uitrusting en wapens, maar dat geldt niet voor de accommodatie van de teamleden. Het voedsel wordt als "slecht" beschouwd en de kamers zijn "Spartaans", een feit waar leden van GSG 9 en de Bundeswehr vreemd genoeg trots op zijn.
    Voor operaties bestaan GSG 9 teams meestal uit 5 man. Zoals eerder beschreven wordt GSG 9 volledig door de regering gesteund als het op uitrusting aankomt. Leden hebben daarom 2 complete gevechtsuitrustingen, 1 voor dag- en 1 voor nachtoperaties. GSG 9 heeft daarbij ook een eigen luchteenheid, de Bundesgrenzschutsz Grenszschutz-Fliegergruppe die ze van transport zoals vliegtuigen en helikopters voorziet. Leden van GSG 9 hoeven de eenheid niet na een bepaalde tijd te verlaten, zoals bij andere CT- eenheden wel gebruikelijk is, maar mogen blijven zolang ze aan de strenge en inflexibele eisen kunnen voldoen. Dit beleid is logisch aangezien de oudere leden de nieuwere leden kunnen ondersteunen met hun ervaring. De ± 250 leden van GSG 9 vuren meer dan een miljoen patronen per jaar af, in trainingen op schietbanen en in hun ondergrondse "killhouse". Dit benadrukt nogmaals dat de Duitse regering noch kosten noch moeite bespaart als het om uitrusting materieel gaat. De GSG 9 gebruikt bij hun trainingen en operaties diverse wapens waaronder: Heckler & Koch MP-5 serie machinepistolen, G36K, PSG-1, Sig-Sauer P-226, P-228 en diverse varianten Glock pistolen. De GSG 9 traint samen met diverse andere eenheden, waaronder de SAS en de Israelische Unit-269 (Sayeret Mat'kal).

    Inzet
    De GSG 9 is in de loop der jaren diverse malen in actie gekomen. Hier volgt een opsomming van de uitgevoerde acties:
    1977 Ontzetting gijzelaars uit gekaapt Lufthansa toestel in Mogadishu
    1982 Arrestatie van RAF terroristen
    1993 Crisis in Bad Kleinen
    1993 Beëindiging kaping van een KLM toestel in Düsseldorf
    1994 Beëindiging van een gijzeling in JVA Kassel
    1994 Deelname aan de opsporing van gijzelnemers Albert en Polak
    1998 Arrestatie van chanteurs van de Duitse spoorwegen
    1999 Arrestatie van Metin Kaplan in Keulen
    2000 Arrestatie van een aantal vermoedde terreurgroepen in Berlijn
    2002 Deelname aan de beëindiging van een gijzelneming in de Landeszentralbank in Aaken
    Opvallend is dat vuurwapens slechts in vier van deze gevallen werden gebruikt: in 1977 en 1993 tegen personen en in 1998 en 2000 tegen vechthonden die zich in het doelgebied bevonden.
    Hun expertise, ervaring en reputatie maakt de GSG 9 één van de meest beroemde en gerespecteerde eenheden ter wereld. Ironisch genoeg is het voorbestaan van deze groep allerminst zeker. Met name door het succes van deze eenheid is het aantal terroristsche aanslagen sterk afgenomen. Het Sondereinsatzkommando, of SEK (Het Duitse arrestatieteam) wordt steeds bekender. Er gaan dan ook stemmen op om de functies van GSG 9 te laten overnemen door SEK. Toch hebben de aanslagen van 11 september 2001 het bestaan van GSG 9 voorlopig weer gerechtvaardigd.
    * CT staat voor Counter-Terrorism, de Engelse term voor terreurbestrijding.

    Auteur: Sasa Miljkovic / PJ
    Bron: Bundesgrenzschutz; www.terrorism.com



    SIE/ESI

    Speciaal Interventie Eskadrin
    Esquadron d'Intervention Special
    Het Speciaal Interventie Eskadron ofwel SIE is de enige Belgische eenheid voor terreurbestrijding. Het SIE maakt is onderdeel van de Belgische Rijkswacht. Naast een Nederlandse naam bestaat voor deze eenheid ook een Franse naam: Esquadron d'Intervention Special, afgekort ESI. Omdat deze website geheel in het Nederlands is uitgevoerd, zal in rest van dit artikel over SIE worden gesproken.

    Geschiedenis
    Naar aanleiding van de gijzeling in 1972 tijdens de Olympische Spelen, heeft de Belgische regering opdracht gegeven aan de rijkswacht om een anti-terreur eenheid op te richten. De eenheid werd ondergebracht bij het Mobiel Legioen, die van origine een militaire status heeft. Le Groupe Diane werd geboren. Diana is de Romeinse Godin van de jacht, zij is ook noch te zien in het embleem van het SIE. In 1974 kreeg Le Groupe Daine de naam Speciaal Interventie Eskadron en kreeg twee jaar later ook een observatie team die een officieel karakter kreeg in 1980. Het aantal opdrachten die het SIE moet verrichten konden ze in 1985 niet meer aan, daarom werd er de POSA (peloton Protectie, Observatie, Steun en Arrestatie) opgericht. De POSA heeft elke twee provincies onder haar hoede. Bij de oprichting zijn deze eenheden in Brussel, Gent, Antwerpen, Charleroi en Luik gestationeerd. Tegenwoordig wordt nog steeds van hieruit geopereerd.

    Organisatie
    Het SIE bestaat uit drie eenheden die zeer nauw met elkaar samenwerken:

  • De interventie- en observatie-eenheid
  • De POSA (peloton Protectie, Observatie, Steun en Arrestatie)
  • De logistieke/technische eenheid
  • De interventie-eenheid en de observatie-eenheid zijn direct met elkaar verbonden, terwijl de POSA meer een ondersteunende taak heeft ten opzichte van de interventie-eenheid en observatie-eenheid. Dat wil niet zeggen dat de POSA geen aanhoudingen zou kunnen verrichten. De POSA zou misschien het beste vergeleken kunnen worden met de Nederlandse regionale AT's. Het SIE staat onder supervisie van het Ministerie van Buitenlandse Zaken, maar sinds 1994 geeft het Ministerie van Defensie ook opdrachten aan het SIE. Afhankelijk van de omstandigheden kan ook het Ministerie van Justitie het SIE inschakelen. Het SIE moet dan optreden tegen vuurwapengevaarlijke personen en niet tegen terroristen. Wanneer dat gebeurt heeft het SIE meer een status als AT dan CT eenheid. Wanneer dit voorkomt kan het SIE ondersteuning krijgen van Groupe de Repression du Terrorisme (GRT), een undercover inlichtingendienst van de federale politie, die zich richt op terreurbestrijding. De taakverdeling van het SIE is dus duidelijk anders dan die van de BBE. Wat dat betreft lijkt deze eenheid meer op de eenheden van Oostenrijk (GEK) en Zweden (ONI).

    Selectie en training
    Het SIE is een eenheid waar niveau en kwaliteit voorop staan. Om daaraan te voldoen zijn de eisen aan kandidaat-rekruten erg hoog. Door deze hoge eisen is er op dit moment een personeelstekort van 30% in de interventie-eenheid. Er zijn genoeg kandidaten, maar het SIE wil absoluut niet aan de criteria tornen. Naast de lichamelijk eisen zijn er natuurlijk ook de psychische eisen waaraan een SIE'er aan moet voldoen. Hij moet koelbloedig en stressbestendig zijn, karakter hebben en mag absoluut geen cowboy zijn.
    De kandidaten voor het SIE en POSA moeten allereerst een medisch onderzoek ondergaan. Vervolgens worden een week lang alle lichamelijke, psychologische en intellectuele vaardigheden bekeken en geëvalueerd. Daarna volgt iedereen dezelfde opleiding zowel de mensen die voor de POSA solliciteren als ook de mensen die naar het SIE willen. POSA leden vervolgen hun opleiding met een stage van twee maanden in een eenheid, waarna ze ook in die eenheid zullen gaan dienen. De medewerkers die naar het SIE gaan, volgen nog twee maanden extra opleiding. Vrouwen komen ook aanbod bij het SIE, maar uitsluitend in de observatie-eenheid. De interventie-eenheid stelt te hoge om een vrouw in aanmerking te laten komen. In de sessie 1997 -1998 stelden zich 132 rijkswachters kandidaat voor een functie bij één van de eenheden van het SIE, terwijl er slechts 51 vacante betrekkingen waren (23 voor observatie, 16 voor interventies en 12 voor POSA). In de eerste selectieronde werden 29 kandidaten uitgeschakeld (om medische redenen, administratieve redenen of na vrijwillige verzaking). Daarna namen 59 kandidaten deel aan de testweek voor de observatie-eenheid en 44 aan de testweek voor de interventie-eenheid en de POSA. Na afloop van die week werden er slechts 24 kandidaten voor de observatie, 6 voor interventies en 8 voor de POSA tot de opleiding toegelaten. Uiteindelijk slaagden 19 rijkswachters voor alle tests en zij werden in het Speciaal Interventie-Eskadron opgenomen: 12 bij de observatie-eenheid, 5 bij de POSA en 2 bij de interventie-eenheid. Dat brengt het slagingspercentage op nauwelijks 15%. (Benoît Dupuis - Revue van de Rijkswacht nummer 143)

    Wapens
    Het SIE beschikt over een behoorlijk arsenaal aan wapens. Het bekendste wapen is toch wel de HK MP5. Daarnaast gebruiken ze voor roomclearing de Remington 12-guage shotgun. Back-up wapens die gebruikt worden zijn de Glock 17 en de Smith & Wesson .38 revolver. De snipers gebruiken de Finse Sako TRG-21 7.62 en daarnaast hebben ze ook nog hun eigen geweer ontwikkeld.

    Inzet
    Door de jaren heen heeft het SIE al behoorlijk wat interventies achter de rug. De meest opmerkelijke interventies zijn: 1978 De Baron Bracht wordt ontvoerd, de verdachte kon worden aangehouden.
    1980 Kaping van een schoolbus in Vielsalm, de drie kapers worden overmeesterd tijdens het binnentreden in de RTBF studio in Brussel.
    1987 Een gewapende man met mes gijzelt een vrouw, nadat onderhandelingen niets uitpakken, wordt de man overmeesterd door het SIE.
    1989 Een bankdirecteur en zijn familie worden gegijzeld
    1993 Ulrike Bidergard, een Zweedse kampioene in paardrijden, wordt ontvoerd.
    1996 Een lokale Rijkswachtploeg wordt beschoten door leden van GIA, een lid van de GIA werd doodgeschoten.
    1997 Tijdens een huiszoeking worden leden van het SIE ondervuur genomen door een lid van de GIA. Hij kan later worden overmeesterd, zonder te worden gedood.
    Het SIE heeft sinds de oprichting wekelijks 3 of 4 keer uit moet rukken voor een opdracht. Toch zijn alle verdachten/misdadigers die sinds 1972 zijn geneutraliseerd op één hand te tellen.

    Auteur: Martijn Demmers / PJ
    Bron: SpecialOperations.com; Revue van de Rijkswacht; Federale Politie België



    SAS

    Special Air Service
    De S.A.S. is een van de bekendste en een van de beste Special Units in de wereld. De Britse elite-eenheid is vanaf de Tweede Wereldoorlog bij elk groot conflict, zoals Vietnam, de Golfoorlog en de NAVO-acties in Bosnie vertegenwoordigd geweest.

    Geschiedenis en operaties
    De SAS werd in 1941 opgericht door kapitein bij de parachutisten David Stirling. Het idee was om, in tegenstelling tot de grote en te logge commando-eenheden van 50 man, met kleine patrouilles van 4-5 man paniek te zaaien achter de linies van de Duitsers. Het was vooral de bedoeling om met kleine hit-and-run acties de aanvoerlijnen van Duitsland te verstoren, door het saboteren van radarinstallaties en het vernielen van vijandelijke vliegtuigen en vliegvelden. De eerste actie vond plaats in december van 1941, waarbij door een actie van 2 groepen 61 vliegtuigen en 2 vliegvelden werden vernield. De SAS zou er in de Tweede Wereldoorlog voor gezorgd hebben dat meer dan 12.500 Duitsers gedood werden of gevangen genomen.
    In 1945 werd deze eenheid samen met de meeste commando-eenheden ontbonden. De eenheid werd echter opnieuw opgericht in 1951, dit maal om dienst te doen in Brits Malaga. Ze hebben sindsdien gediend in Borneo, Oman, Aden, Noord-Ierland, de Falklands, Irak en de Balkan. Er wordt ook gezegd dat ze, hoewel dit door de autoriteiten wordt ontkend, hebben gevochten in Vietnam en in Afghanistan.

    Organisatie
    De SAS is opgebouwd uit 3 regimenten; het 21ste, 22ste en 23ste regiment. Het 21ste en 23ste regiment behoort tot de territoriale troepen, wat zoveel betekent als de reserve troepen. Het 22ste SAS regiment, ook wel het Regiment genoemd, bestaat enkel uit beroepssoldaten. Het Regiment is volkomen self-supporting: het heeft een eigen training-wing, een inlichtingen- en operatie staf, een verbindingsgroep en eigen piloten voor het besturen van de vliegtuigen en helikopters die gebruikt worden voor de speciale operaties. Daarnaast heb je 4 operationele squadrons bestaande uit 16 man die de missies daadwerkelijk uitvoeren, aangeduid met A, B, D en G. Er is ook nog een reserve squadron wat binnen korte tijd kan worden opgeroepen, aangeduid met de letter R.

    Een squadron bestaat uit 4 Troops, die weer bestaan uit 4 groepen van 4 commando's. Deze Troops zijn allemaal verschillend van elkaar, ingedeeld bij specialiteit. Zo bestaat er een Mountain Troop die bestaat uit mountainleaders, de Boat Troop die bestaat uit kikvorsmannen, de Air Troop die gespecialiseerd zijn in infiltraties via de parachute, en de Mobility Troop die alles weet van het snel infiltreren door middel van quads, motoren, jeep en alle andere in gebruik zijnde voertuigen. Let wel: dit zijn specialismen. Elke SAS-commando heeft een zware algemene opleiding gevolgd die bestaat uit lange marsen, het leren van OP's bouwen, leren omgaan met veel gebruikte wapens, het leggen van hinderlagen, het vernietigen van doelen en een jungletraining.

    Antiterreur operaties
    Een van de taken van de SAS bestaat uit het vormen van de Britse anti-terreur eenheid (counter terrorist team, CT-team).

    Geschiedenis
    De Counter-Revolutionary Wing (CRW) is het onderdeel van de SAS zich constant bezighoud met de bestrijding van terrorisme. De CRW, ook wel Special Projects genoemd, werd eind jaren '60 opgericht voor de bescherming van politici en hoge ambtenaren in de voormalige kolonies van Groot-Brittannië. Het doel was om de rebellen die aanslagen wilden plegen uit te schakelen voor ze hun doel bereikte. De golf van terrorisme in de jaren '60 en '70 heeft ervoor gezorgd dat de CRW zich is gaan bekwamen in het bevrijden van gijzelaars en het uitvoeren van anti-terroristische acties. Dit is samen met het beschermen van VIP's de belangrijkste taak van de CRW.

    Organisatie
    Elk half jaar wordt er een regulier SAS-squadron geplaatst bij de CRW. Dit squadron (ook bekend als Pagoda Troop) zal uiteindelijk de acties uitvoeren. De CRW is eigenlijk het kader. Zij verzinnen de oefeningen en hebben een speciale afdeling voor het ontwikkelen van hulpmiddelen voor anti-terroristische acties, de Operations Research Unit. Deze eenheid heeft bewezen van grote waarde te zijn, door bijvoorbeeld de ontwikkeling van de "flash-bang" die nu wereldwijd word gebruikt. Het squadron van 80 man wordt tijdens haar CT-periode verdeeld in 2 groepen, Red en Blue. Een groep wordt weer verdeeld in aanvalseenheid, en een sniper/observatie-eenheid. Een aanvalseenheid wordt meestal verdeeld in teams van 4 man. De sniper/observatie-eenheid is ook getraind in de aanvalstactieken.
    Daarnaast is er nog een verbindingsgroep die er tijdens een operatie voor zorgt dat de verbindingen goed zijn. Dit team traint met de aanvalsgroep, omdat ze soms een gebouw mee in moeten gaan. Een van deze teams dient binnen 30 minuten in actie te kunnen komen, en de ander na 3 uur. Er staat op een RAF-basis in Lyneham permanent een C-130 klaar, voor het geval dat de eenheid naar een plek moet die ver van Hereford ligt.

    Training
    In het half jaar dat een squadron dienst doet als anti-terreur eenheid wordt er veel getraind in een speciaal voor dat doel aangelegde faciliteit genaamd "The Killing House", dat net als het hoofdkwartier van de SAS in Hereford ligt. In dit gebouw zijn bijvoorbeeld de muren bekleed met een dikke laag rubber zodat er geen terugkaatsende of van richting veranderende kogels zijn als er met scherp wordt geschoten, het is voorzien van elektronische doelen, luidsprekers, rookkanonnen en deuren waarmee een entry geoefend kan worden.
    De training heeft altijd veel belangstelling gehad van hooggeplaatste leden in de Engelse regering, zoals de Prime Minister en leden van het koninklijk huis. Deze VIP's schijnen tijdens de bezoeken zelfs te dienen als gijzelaars.

    Operaties
    De bekendste operatie van het CRW is de bestorming van de Iraanse ambassade, Operatie Nimrod. Op 30 april werd de ambassade bezet door 6 leden van het DRMLA (Democratic Revolutionary Movement for the Liberation of Arabistan) met de eis om voor 1 mei 90 gevangenen vrij te laten en Arabistan te erkennen. Er werden 26 gijzelaars genomen. Het B-squadron dat de CT-taak had werd onmiddellijk ingeschakeld. Er werd een basis vlak bij de ambassade opgezet en er werden observaties gedaan door leden in burgerkleren. Ook werd er afluisterapparatuur en dergelijke geplaatst door specialisten van de politie. Toen er een gijzelaar werd neergeschoten kreeg het team opdracht naar binnen te gaan. Er waren bij deze actie 4 teams van 4 man betrokken. 2 teams kwamen van het dak aan de achterkant af met behulp van touwen. Terwijl team 1 op het balkon van de 1e etage stopte en team 2 op de grond, klom een derde team aan de voorkant op een balkon van de 1e etage. Het laatste team kwam het gebouw binnen door een gat te blazen in de muur met een aangrenzende ambassade.
    In het begin van de aanval werd met CS-gas geschoten. Het abseilen ging met problemen gepaard. Een lid van team 1 brak met zijn voet het glas waardoor de terroristen werden gewaarschuwd, en een lid van team 2 kreeg te maken met een knoop in zijn touw, waardoor er geen explosieven konden worden gebruikt uit angst voor verwondingen. De leider werd door het moedige optreden van een gijzelaar neergeschoten voordat hij de kans had een lid van de SAS te verwonden. Drie terroristen in een andere kamer begonnen op gijzelaars te schieten waarbij 1 dode en 2 gewonden vielen. Ze gooien echter hun wapens weg en proberen zich te verbergen tussen gijzelaars, die hen aanwijzen. Een andere terrorist staat met een granaat in het trappenhuis en wordt ook neergeschoten. De laatste terrorist verborg zich tussen vrouwen, die hem in eerste instantie niet wilden aanwijzen. Hij wordt gearresteerd en overleefd als enige terrorist de aanval. Link: BBC News, In depth: Operation Nimrod step-by-step

    Auteur: Martijn van Diessen / PJ
    Bron: CT&HR; M. Evans; Lampuno





    FBI HRT

    Federal Bureau Of investigation - Hostage Resque Team
    Een nog vrij onbekend onderdeel van de FBI is het Hostage Rescue Team (HRT). Dit komt veelal omdat de media weinig aandacht aan deze tak van de FBI besteedt. Voorbeelden hiervan zijn de films, waarbij in geval van gijzelingen nooit het HRT optreedt, maar liever een militaire eenheid met veel wapengekletter en heroïsche acties de gijzelaars onzet.

    "Ik red levens"

    Geschiedenis
    In 1982 werd de beslissing genomen dat er binnen de politie een anti-terroristische eenheid moest komen. Omdat deze eenheid door de gehele Verenigde Staten zou moeten kunnen opereren werd ervoor gekozen om het onder te brengen bij de FBI. Het HRT werd in 1983 paraat gesteld en bestond uit 51 agenten. Tegenwoordig is dit aantal bijna verdubbeld naar 91 agenten De belangrijkste taak van het HRT is om grote "belegeringen" te voorkomen door vroegtijdig in te grijpen. In mindere mate wordt het HRT gebruikt om arrestaties met groot risico uit te voeren en om samen met de Secret Service de regeringsleden en andere VIP's te beschermen. Ook is er sprake van dat het HRT in het buitenland terroristen zou kunnen arresteren als het betreffende land geen toestemming geeft tot uitwisseling, zoals het geval was tijdens de Lockerbie-zaak waarbij Libië weigerde de verdachten uit te leveren. Dit is echter nog een omstreden punt en het is niet bekend of deze operaties al ooit uitgevoerd zijn.

    Organisatie
    Het HRT is ondergebracht bij het Critical Incident Response Group (CIRG) van de FBI. Het CIRG werd in '94 opgericht om beter te kunnen reageren op terroristische activiteiten, gijzelingen en andere noodsituaties. Aanleiding voor de oprichting was dat er tijdens de belegering van een kamp nabij Waco in 1993 sprake was van communicatiestoornissen tussen het HRT, de plaatselijke politie en ondersteunende eenheden zoals de groep gedragswetenschappen van de FBI. Het HRT is daarom slechts een van de acht eenheden die van het CIRG deel uit maken. De andere eenheden zijn onder andere gespecialiseerd in het voeren van onderhandelingen, het opzetten van verbindingen en commandoposten en het gedrag van misdadigers en terroristen. Het CIRG is gestationeerd bij de FBI Academy in Quantico, Virginia.
    Het HRT wordt nogal eens verward met SWAT-teams. Er bestaan een aantal verschillen tussen de SWAT-teams en het HRT, hoewel dit op het eerste gezicht niet snel te zien is. Allebei de onderdelen trainen met de FBI, hoewel alleen het HRT onder bevel van de FBI staat. De SWAT-teams maken onderdeel uit van de plaatselijke politie van de grote steden. Dit is meteen een van de verschillen; SWAT werkt voornamelijk plaatselijk, terwijl de HRT in het hele land (en zelfs in het buitenland) ingezet kan worden. Een verschil is dat SWAT voornamelijk kleine invallen doet en gijzelingen oplost in huiselijke sfeer, zoals een man die zijn vrouw en kinderen gegijzeld houd, terwijl het HRT er pas wordt bijgehaald als SWAT het niet op kan lossen, of als het gaat om grote groepen mensen. Een typisch voorbeeld waar een SWAT-team niet meer voldoet en waar het HRT erbij word gehaald is Waco in '93 geweest.

    Training
    De training van het HRT vindt evenals de opleiding tot FBI agent plaats in Quantico, waar het HRT tevens gestationeerd is. De hier gelegen FBI Academy beschikt over een zeer uitgebreid complex dat bestaat uit verschillende delen, waaronder en complete stad. Dit stadje heet Hogan's Alley. Het stadje heeft naast veel verschillende huizen waar allerlei gijzelsituaties geoefend kunnen worden ook een bank, drogist, autohandel, een gerechtsgebouw, wasserette, herberg, bioscoop, postkantoor, enzovoort. In dit stadje wordt er door het HRT en SWAT samen geoefend in bevrijdingsacties, en door FBI-agenten in het algemeen in aanhoudingen, en in het gerechtsgebouw worden proefprocessen gehouden. Het stadje is zo uitgebreid dat dagelijks er verschillende oefeningen tegelijk gehouden worden.
    Ook heeft de FBI de beschikking over een gebouw met het Firearms Automated Training System, FATS, waarin de agenten schieten op een scherm waar een film wordt afgedraaid. Zoals gezegd wordt er door het HRT veel met SWAT geoefend. Veel van het HRT werk bestaat uit oefenen, om zo de paraatheid en accuratesse hoog te houden. De training is voor het HRT zelfs zo belangrijk, dat de bevelhebber van het HRT, Richard Rogers, tijdens operatie "Wacmur" aan het eind van de 51 dagen durende belegering bij zijn meerdere aanstuurde op een snelle inval of een terugtrekking van zijn team. Reden hiervoor was dat als er nog langer gewacht zou worden met een inval, zijn mannen niet ingezet zouden kunnen worden omdat ze niet scherp genoeg waren en de laatste weken geen training hadden gehad.

    Het FBI opleidingscentrum in Quantico, Virginia VS

    Operaties
    Het HRT heeft sinds haar oprichting in 1982 aan verschillende operaties deelgenomen. Deze acties zijn veelal onbekend, omdat ze niet altijd direct verband houden met wat de naam zou vermoeden, namelijk gijzelaars redden. Een aantal operaties zijn:

  • Januari 1987. Verschillende leden van het HRT reizen naar Frankfurt om Mohammed Hamadei, die verdacht wordt van het kapen van vlucht TWA 847 waarbij Amerikaanse matroos omkomt, over te nemen van de Duitse politie. De operatie wordt afgelast omdat er Duitsers zijn gegijzeld in Beiroet en de Duitse autoriteiten "wisselgeld" willen hebben voor de gijzelaars. Hamadei wordt na de gijzeling alsnog berecht in Duitsland.
  • September 1987. Leden van het HRT arresteren Fawaz Younis voor het kapen van een vliegtuig. Younis wordt gearresteerd op een jacht, waar hem drugs en vrouwen waren beloofd. De dames aan boord bleken echter van de FBI te zijn, en het ruim zat vol met HRT'ers, in plaats van met drugs.
  • Augustus 1992. Tijdens operatie Ruby Ridge worden verscheidene mensen gedood door scherpschutters van het HRT, hoewel ze geen directe bedreiging vormen voor leden van het team. De verdachte (Rendall Weaver) had een agent neergeschoten nadat deze met een paar anderen hem probeerden te arresteren wegens illegale wapenhandel. De verdachte en een huisvriend (Kevin Harris) worden in een proces vrijgesproken van de moord door gebrek aan bewijs en tegenstrijdige verklaringen. Weavers zoon en vrouw werden door het HRT onbedoeld neergeschoten.
  • De bekendste operatie (operatie "Wacmur", Waco murders) waar het HRT aan deel heeft genomen is echter de belegering van een kamp in Waco, die begon op 28 februari 1993. Na een mislukte inval van het Bureau of Alcohol, Tobacca and Firearms (BATF) bij een kamp waar een sekte (Branch Davidians) zich had gevestigd, werd de FBI erbij geroepen. Zoals gezegd bestond de CIRG nog niet, dus moesten naast het HRT ook experts in onderhandelingen en psychologen opgeroepen worden die van verschillende onderdelen kwamen. In het kamp waren niet alleen mannen en vrouwen, maar ook kinderen aanwezig. Ondanks het feit dat al deze mensen vrijwillig in het kamp verbleven, werd er toch het HRT bijgehaald omdat er was geschoten met automatische wapens op agenten.
    De operatie liep vanaf het begin af aan al niet goed. De belangrijkste reden hiervan was dat er grote communicatieproblemen waren tussen de betrokken onderdelen. Omdat de onderhandelaars en het HRT niet samen trainde, waren ze niet op elkaar ingespeeld. Zo kon het dus gebeuren dat de FBI 's avonds bij wijze van psychologische oorlogsvoering harde muziek opzette, waarmee de resultaten die 's middags waren bereikt bij het onderhandelen tenietgedaan werden.
    Het einde van de operatie verliep al even dramatisch als de rest hiervan. 's Ochtends begonnen voertuigen van de FBI het kamp vanaf verschillende plaatsen te beschieten met rookgranaten. Er was ook een voertuig dat een gat maakte in het belangrijkste gebouw en gas schoot in het gebouw. De bedoeling was dat de Davidians vanzelf het gebouw zouden verlaten omdat ze uitgerookt werden. Dit duurde de hele ochtend. Rond 11:45 in de ochtend stopte de voertuigen met het uitroken van de mensen, en bijna op hetzelfde moment stortte er een grote muur in aan de rechterachterkant van het gebouw. Er gebeurde een tijd niets, maar even na twaalven begonnen de Davidians te schieten. Om 12:10 werd er gerapporteerd dat er op verschillende plaatsen branden begonnen. 9 Davidians kwamen naar buiten en werden gearresteerd. Om 12:25 werd er door de leden van het HRT "systematisch schieten" gehoord van binnen het kamp, waar de conclusie uit werd getrokken dat de leden van de sekte elkaar en zichzelf aan het doden waren. Om 12:41 gingen leden van het HRT het kamp binnen door gebruik te maken van de tunnels. Tegen die tijd was het echter te laat, en waren er 75 mensen in het vuur omgekomen, waaronder 25 kinderen.
    De laatste tijd is de FBI in opspraak gekomen in verband met Waco, omdat het verschillende keren adviezen zou hebben genegeerd en er zelfs sprake van zou zijn dat agenten van de FBI en leden van het HRT de branden opzettelijk of door onachtzaamheid hebben veroorzaakt. De FBI ontkent al deze beschuldigingen.

    Waco: David Koresh en 75 volgelingen, waaronder
    21 kinderen, komen om in de vlammenzee.

    Auteur: Martijn van Diessen / PJ
    Bron: Diarmuid Jeffreys "The Bureau"; Court TV Casefiles; Federal Bureau of Investigation; EmergencyNet

    Naar boven

    © Deze website is auteursrechtelijk beschermd. Zonder toestemming van de webmaster mag niets van deze site worden gebruikt. Op de naam en de
    stijl van deze pagina rusten exclusieve rechten. webmaster.bbe@rdnet.nl Overtredingen worden streng gestraft.